RUPTURES

Willem ELIAS 1987

Cat. tent. Moving Space 1987

 

 

Mijn tekst uit '84 over het werk van Marcase naar aanleiding van zijn tentoonstelling bij Elisabeth Franck is nog steeds adequaat. Ik herhaal hem hier als een lang citaat bij wijze van "passage" voor deze nieuwe catalogustekst, een tweede statie, een tweede stilstaan bij zijn werk. Een enting van twee teksten als het-ware.

 

"In de ars herbaria van Marcase wordt de natuur door abstrahering tot de orde geroepen, orde die ontstaat door tekens repetitief aan te brengen binnen een vlak, om dan bijna serieel te laten uitbreiden in meerdere werken. Repetitief tot de tweede macht, als het ware. Het zijn velden die beheerst worden, niet door een impressionistische regel van 'ik schilder zoals ik zie', noch door een expressionistisch beginsel van 'ik schilder zoals ik voel', maar door een conceptueel principe van 'ik schilder zoals ik weet', en weten wordt gestoeld op ordenen of classificeren. Marcase werkt zeer cerebraal. Lang blijven de klemtonen zwart als geordende wirwar, sporen van heftige penseelstriemen met de handslag van een kaligraaf. Eronder verschijnt een palimpsest van kleurlagen gegradeerd volgens een gans scala van toonwaarden, een teken van de Wording in de natuur, als eeuwig verkleuren van het landschap. Ook die grondkleur (fundamentele kleur zou men het kunnen noemen om te wijzen op zijn geestelijke verwantschap met de fundamentele schilderkunst) is niet impressionistisch visueel relatief of expressionistisch emotioneel subjectief, maar conceptueel verwijzend naar het immateriële, het cerebraal eeuwige. Ik denk hier vooral aan zijn bijna metaalblauwend die tegennatuurlijk glinsteren, waardoor de structuur van de natuur pas echt zichtbaar wordt. Het zou verkeerd zijn geen oog te hebben voor de dynamische wentelbeweging die door het samenspel van verftoetsen ontketend wordt. Tegenover de geordende structuur staat ook een levensverwekkend beginsel. Pas bij een intense waarneming doorbreekt een wentelbeweging het overheersende statische stramien. In zijn meest recente werk is het statische echter verdwenen en heeft het dynamische de overhand gekregen. Zijn werk wordt een cirkelend spanningsveld van bijna choreografische composities. Zijn laatste werken lijken wel de geheugensporen van exuberant gekleurde balletvoorstellingen. "

 

De voorbije jaren zijn niet rimpelloos verlopen voor Marcase en dat is in zijn werk merkbaar. Zijn schilderijen uit deze periode zijn niet meer dan een verder zetten van wat reeds gebeurd was, ook niet minder. Zoals wel vaak in crisisperioden van een beeldend kunstenaar heeft ook Marcase zijn toevlucht genomen tot een zuiveringsprocedé, een catharsisoefening. De tekening is hiervoor steeds een doelmatig medium geweest. Marcase gaat nog een stap verder door het uitkiezen van zijn drager, namelijk gips. Het voorbereidingsproces heeft op zich zelf iets zuiverend. Het vergt meer inspanning dan het aanschaffen van tekenpapier. Wordt kalk in de agricultuur niet als zuiveringsmiddel gebruikt? Tekenen op kalk verwijst naar het fresco als zeer oude techniek, terug naar de bron van de schilderkunde. De kalkpaneeltjes doen denken aan oude schrijftafeltjes van de antieke culturen, de tijd ook waarin het begrip tabula rasa ontstond. Een nieuw begin voor Marcase, een moment van bezinning over zichzelf, over de zin van het kunstenaarschap, over de betekenis van het aanbrengen van picturale of grafische tekens op een wand, over de functie van het betekenissysteem dat men kunst pleegt te noemen. Als ik een themanaam zou mogen geven aan de reeks frescotekeningen die in de tentoonstellingen te zien zijn zou ik het gebroken levenslijnen noemen. Het is boeiend om zien hoe het thema van de dood aanwezig is in wat op het eerste zicht een " abstract" lijnenspel lijkt. De kern van de gipsen tafeltjes wordt gevuld met een sterk emotioneel geladen lijnenbundel die middenin gebroken is, zoals de groeven in de palm van de hand, waaruit waarzeggers de lengte en de weg van het leven kunnen afleiden. De gipsen tafeltjes worden begrensd door lichtkleurige biesjes verf, die verwijzen naar de rationele of liever gerationaliseerde kunst van Mondriaan. Tegenover de vitaliteit van de levenslijn (weliswaar met de doodsaanwijzing in zich), uitgedrukt in tonen van grijs tot zwart, en terug, een soort seismografisch verslag van het innerlijk gevoel, staan de serene grenslijnen, kleurrijke borduursels, als bakens voor de afgrond, die de wereld buiten onze eigen ervaring is.

 

Zoals de kleitabletten van vele oude niet of nauwelijks te ontcijferen schriften, merktekens van vergane culturen, stelt zich ook voor de grafismen van de hedendaagse kunstenaars het probleem van de code van vertaalbaarheid, constructies die de betekenis produceren, verwijzingen naar het verleden, naar de omgeving, naar de sociale context, naar de autobiografie, ook naar de niet uitspreekbare autobiografie. De tegenstelling tussen de oude kleitabletten en de hedendaagse door kunstenaars gemaakte inscripties is ook deze van dood en leven, van dode taal en nog tot leven te brengen bijnataal. De gipsen tabletten van Marcase wenken om decodering, vooral doorhun zuiverheid van de elementen en door hun dubbelheid, die ontketend wordt door de spanning tussen rationaliteit en emotionaliteit, tussen om-wereld en in-wereld, tussen externe begrenzing en innerlijke ontwrichting. Zijn abstracte pictogrammen lijken wel picto-hiërogliefen : een eigen tekensysteem om een eigen ervaring te verwerken en te verwekken, te verbergen ook op een wijze vol eigenlijkheid, in zijn handschrift ingegrift in de reeks gipsen tabletten.

 

Het seriële is sinds lang een kenmerk van het werk van Marcase. Het her-halen is een terughalen van het afwezige, het creëren van een aanwezigheid dus. Steeds opnieuw verschijnen de ontwrichte lijnenbundels. Steeds opnieuw hetzelfde met steeds opnieuw een verschil, waardoor articulatie ontstaat, waardoor het geheel een betekenis verkrijgt, een volgorde, die opgebouwd is op de differentie van de onderdelen. Het wordt een geschiedenis van lijnen, een eigen verhaal. Door het seriële ontstaat een breuk met het verstarde beeld. Worden wint andermaal op Zijn. Zijn tekeningen worden plastische partituren. Vandaar dat we met een uitspraak van de musicoloog Pierre Boulez willen besluiten:

 

"La série est devenue un mode de penser polyvalent... C'est donc une réaètion totale contre la pensée classique qui veut que la forme soit, pratiquement, une chose préexistante, ainsi qu'une morphologie générale."

(Relevés d'apprenti, Paris, Seuil, 1966, p. 297.)

Marcase: Rupture II “FRESCO” 1987 - watercolour and graphite on plaster - 35cm x 30cmRupture XVII-1 “FRESCO” 1987 - watercolour and graphite on plaster - 75cm x 60cmRupture XVIII-2 “FRESCO” 1987 - watercolour and graphite on plaster - 75cm x 60cmPenetration I  1988 - watercolour and graphite on paper - 77cm x 57cmPenetration II 1988 - watercolour and graphite on paper - 77cm x 57cmRupture V  “FRESCO” 1987 - watercolour and graphite on plaster - triptych -  3X -  75cm x 35cmRupture XI -1 “FRESCO” 1987 - watercolour and graphite on plaster - diptych - 35cm x 78cm

 Rupture XI – 2 “FRESCO” 1987 - watercolour and graphite on plaster - diptych 35cm x78cm