MARCASE

 

 

W. VAN DEN BUSSCHE

Ere Conservator Prov. Musea voor Moderne Kunst, West-Vlaanderen.

 

Cat. ICC Antwerp, april 1983.

 

Rond het midden van de zeventiger jaren distancieerde MARCASE zich drastisch van de kleurentechniek van Roger Raveel. Tegenover het felle en geëigende koloriet van Raveel stelde hij de anti-kleuren zwart en wit. De schildertechniek verliet hij volledig ten voordele van de lithografie. Marcases inspiratiebron werd veeleer natuurgebonden doch daaruit distileerde hij slechts enkele motieven, zoals de boom met zijn bladerenkruin, die hij op repetitieve wijze in compositie bracht. Daarbij, streefde hij vooral naar beweeglijkheid en dat wist hij, juist door dit repetitieve van het gekozen motief, dat hij via lithografische technieken reproduceerde, te bereiken. Naast elkaar, boven- en onder elkaar plaatste hij immers telkens hetzelfde motief waardoor hij een systematische ritmiek tot stand bracht. Met deze werkwijze refeerde hij, omwille van het gebruik van een zekere patroon nl. dezelfde litho, enigszins- en dit als enige figuur in ons land, naar de patterning-painting. Al gauw zou hij echter de sensibiliteit van het totaalbeeld veranderen door boven op de opgekleefde litho-assemblages met inkt en nog steeds zonder kleurgebruik, nuances te schilderen.

De door die manier verkregen tonaliteiten brachten aan het geheel tevens een grotere lichtspeling toe. Deze lichtspeling concentreerde zich daarbij hoofdzakelijk naar het midden toe, een effect dat een zekere ruimtelijkheid veroorzaakte en meteen ook een zekere transparantie aan het geheel toevoegde. De opgekleefde lithobladen versmolten zodoende tot één geheel alhoewel steeds een geometrisch schema het werk bleef ondersteunen.

Dit geometrisch aspect zette MARCASE ertoe aan om in bepaalde werken dat juist te versterken en kreeg het werk een duidelijker meer abstract-geconstrueerd karakter. Het motief als zodanig werd op de achtergrond verdrongen en was enkel in de vulling van de geometrische structuren herkenbaar. Alleen de lichtmodulaties doorbraken daarbij de strenge opbouw. Vermits deze lichtmodulaties van doorslaggevend belang bleven zou Marcase naar nieuwe middelen grijpen om de daardoor ontstane beweeglijkheid en transparanties anders tot stand te brengen. Hij verliet de overschildering van de repetitieve delen door met de lithotechniek zélf, bepaalde variaties aan het motief toe te brengen: bij het drukken dekte hij bepaalde delen af of voegde hij er bepaalde delen aan toe waardoor vormveranderingen ontstonden. Het repetitieve karakter bleef behouden door het gebruik van dezelfde litho doch er greep een richtinggevend proces plaats die naar het eind toe van de compositie tot een eindpunt gevoerd werd. Het oog kon via deze naast boven en onder elkaar geplaatste litho's een zekere verloop volgen van hetzelfde motief dat evolueerde naar de volledige versobering en abstrahering. Dit werk betekende meteen de overgang naar een nièuwe techniek en kleurkeuze omwille van de uiterste consequenties die waren bereikt. Tot dan toe was zoals reeds aangehaald, de kleur afwezig gebleven en werd alleen wit-zwart of te hoogste een zwart derivaat gebruikt. Thans brengt Marcase kleur in zijn werk. Inhoudelijk bleef de motivering dezelfde alhoewel het repetitieve achterwege bleef om plaats te maken voor een seriële werkwijze gebruikmakend van gelijk geconstrueerde beelden. Vandaar dat zijn recent werk in reeksverband dient gezien te worden. Het natuurbeleven blijft dus centraal zodat aan de inhoud niets veranderde. Ook de aangewende kleuren worden eveneens daaruit afgeleid. De variaties hierbij toegepast resulteren uit de tonen en tinten van de seizoenwisselingen. De litho wordt nu vervangen door schilderkunstige technieken waarbij door fundamenteel onderzoek van de middelen, zoals streek-en toets; kras-en veegtechniek naar een nieuwe dimensie wordt gestreefd. Over een basis van gespoten achtergronden evolueren op die manier sterk sferische natuurimpressies. Het seriële ligt nu vooral in het herhalen van eenzelfde compositieschema dat alleen door licht- en kleurmodulaties varieert. De schriftuur blijft telkens gelijk doch krijgt steeds opnieuw een andere dynamiek door het gebaar waarmee wordt gewerkt en dat in functie van de verwachte sfeerschepping.

Men zou kunnen spreken van een nieuw impressionisme waarbij de motieven (voorstelling) tot het uiterste minimum worden herleid en alleen de impressie (herinnering) nog overblijft.

Op een moment dat eerder naar brutale expressiviteit wordt gestreefd in de schilderkunst van de NIEUWE WILDEN brengt het werk van Marcase een stille verpozing waarin men, zonder hallucinaties, kan wegdromen.

Marcase: Zonder titel I - 1982 -  Acrylic on canvas - 140 x 170 cmMarcase: Zonder titel III 1982 - acrylic on canvas - 140cm x 170cmMarcase: Zonder titel II 1982 - acrylic on canvas - 140cm x 170cmMarcase: Zonder titel VI 1982 - acrylic on canvas - 140cm x 170cm

 

 

MARCASE

 

GLENN T. VAN LOOY

Cat. ICC Antwerp, april 1983.

 

De kunst hangt niet af van pro - of anti traditioneel elementen maar van de eigen plastische problematiek die wel of niet in een kunstwerk gesteld en opgelost wordt.

 

MARCASE, Statement in «ART MADE IN BELGIUM», 1977.

MARCASE'S statement in verband met zijn eigen productiviteit, weliswaar 6 jaar eerder te dateren, is mijns inziens relevant voor de kunst in het algemeen en voor deze van MARCASE in het bijzonder. Een thema dat bij MARCASE als het ware steeds voorkomt, hetzij impliciet of expliciet, is de natuur; de bomen, de kruinen, de weiden, de jaargetijden enz. Hierop wordt een ingreep gedaan waardoor een nieuwe dimensie aan het beeld wordt toegevoegd. Zeer veral- gemenend kan men stellen dat in deze organische, kleurrijke, beweeglijke (Dionysische)structuur een anorganisch, monochroom en statisch (Apollinisch) element wordt toegevoegd; in andere werken reproduceert hij deze statische elementen repetitief of stelt hij fragmenten van een tekening in seriële reeksen naast mekaar op. Picturaal onderging MARCASE de invloed van de fundamentele schilderkunst. Dit manifesteert zich in de applicatie van de verf toets, uitgespreid over het ganse doek. Deze picturale elementen gekoppelt aan een zeer bestudeerd, subtiel coloriet, eigen aan het onderwerp vormen het visuele beeld van de tentoongestelde werken. Over het algemeen zijn de werken méérdelig (een referentie naar de serialiteit) waarbij in elk afzonderlijk deel een bepaalde, specifieke sfeer wordt nagestreefd. Deze sfeer wordt bekomen door de algemene grondtoon waarop de calligrafische, zwierige verf toetsen worden uitgespreid. Centraal op het doek bevindt zich een reminiscentie van een monoli-thische, éénkleurige vorm die, al naar gelang, licht absorbeert of uitstraalt. Alleszins moduleert de kleurintensiteit van dit element de sfeer van het deel, en op zijn beurt de totaalsfeer van het schilderij.

MARCASE verwerkt de haast oertraditionele natuurelementen tot abstracte sfeerschepping, gebruikmakend van een minimaal arsenaal aan beeldende middelen en een maximaal suggestief vermogen nastrevend.

Marcase: Meditatieve tekening IV 1980 Mixed media 73 x 55 Marcase: Vierkant in repetitieve natuur II 1980  Mixed media  Triptych  100 x 100 cm

 

 

IK ZAG APOLLO SPELEN MET DIONYSOS, IK ZAG EEN TWEELING.

Daniël Billiët

Cat. Elisabeth Franck Gallery. Knokke-Heist 1981

 

Wat is belangrijke kunst?

 

Werk dat trendgevoelig is? Iets dat goed verkoopt? Of is het revolutionair grensverleggend werk? Kunst die sociale impact heeft? Of is het belangrijk dat een door de kunstenaar geschapen probleem kunstzinnig opgelost wordt? Of is het werk dat de kunstminnaar meteen flink raakt? En zo kunnen we nog wel even doorgaan.

De vraag naar het belang van kunst kan m.i. op de meest uiteenlopende manieren bevredigend beantwoord worden. Iedereen beantwoordt die naar zijn normen. En zo hoort het ook, denk ik. In het huis van de kunst zijn vele kamers. En niet altijd wordt de suite betrokken door de voornaamsten, misschien betrekken dezen wel een verveloos mansarde kamertje.

Een kunst die erin slaagt zo vele verwachtingen harmonisch gebundeld te beantwoorden, ben ik geneigd eigenzinnig met het epitheton klassiek te kronen. Marcase maakt zo'n kunst. Is zijn werk trendgevoelig? Ja, ten minste zo we trend definiëren als: weerspiegelend wat de mens hier en nu bezig houdt. Is het revolutionair grensverleggend? Zeker, zowel naar techniek als naar inhoud gaat hij plastisch over ongebaande wegen. Heeft zijn kunst sociale impact? Jawel, niet in de zin van het armtierige expliciete betonrealisme, maar wel in die zin dat het de beschouwer aan het denken zet. Lost Marcase kunstzinnig een plastisch probleem op dat hij zichzelf gesteld heeft? Zeer zeker. Zie maar hoe hij door het aanwenden van het repetitieve erin slaagt het statische en het dynamische weer te geven. Raakt dit werk de kunstminnaar ook meteen? Ook, want het is, zelfs oppervlakkig bekeken, heel oogstrelend.

Maar er is meer. Zelfs de meest veeleisende kunstliefhebber zal dit werk waarderen. Het verbergt zo vele facetten op zo'n boeiende wijze dat je het werk telkens op een andere manier kunt lezen.

Over zijn jongste werk wordt terecht gezegd dat het een magische kracht uitstraalt. Anderen zeggen dat het zeer religieus getint is. Beide uitspraken zijn m.i. juist. Zo speelt in vele religies het repetitieve element een grote rol. Door de herhaling van gezang, gebed... ontstaat een meditatiesfeer, soms zelfs een trance. De werken van Marcase ademen deze meditatieve wereld uit, nodigen de beschouwer tevens uit om zich op zijn beurt te bezinnen. Hoezo, waarover dan wel? Nietzsche deelde de kunst in volgens de tegen-stelling apollinisch-dionysisch. Apollon, de god van de rede, Dionysos, de god van het gevoel.

Marcase vertaalde deze tegenstelling plastisch. Statisch wit tegenover dynamisch groen. Natuurlijke structuren tegenover door de mens bepaalde structuren enz. In vroeger werk gaf hij deze tweeledigheid als een tegenstelling weer. In recenter werk wordt het eerder een harmonieus samengaan van beide oergegevens. Ook bij de mens is de grens tussen verstand en gevoel immers niet zo precies te trekken, redeneerde hij wellicht

Door te kiezen voor een monochrome harmonie is zijn werk ascetisch, sober. Kleur wordt vlug dominant, daarenboven zouden kunstkenners hem al snel in het Amerikaanse hoekje van de patternpainting duwen en daar hoort hij thematisch helemaal niet.

Wie zijn werk al een hele tijd volgt, stelt een boeiende zoektocht vast. Alhoewel tussen zijn vroegste, bijna hyperrealistische, doeken en zijn laatste werken er ogenschijnlijk een grote kloof gaapt, is Marcase altijd zichzelf getrouw gebleven. Blijven zoeken naar het plastisch uitdrukken van de tegenstelling: innerlijke wereld versus realiteit.

 

Marcase: Mihrab 1981 - mixed media - 112cm x 151cmMarcase: Melotia 1982 - mixed media -115cm x 150cm

 

Marcase: Repetitieve structuren met geometrisch vlak 1981 - mixed media - 120cm x 100cm